U wordt moeder/vader
Uw sociale rechten als moeder of vader
Verwacht u een kindje of bent u net moeder of vader geworden? Dan hebt u recht op verschillende tegemoetkomingen. We zetten ze hieronder even op een rijtje. Is iemand in uw gezin werknemer of ambtenaar, dan zal vermoedelijk dit gezinslid het kraamgeld en de kinderbijslag moeten aanvragen. De vrouwelijke zelfstandige in hoofdberoep of de meewerkende echtgenote kan altijd aanspraak maken op dienstencheques en moederschapsrust.
Kraamgeld
Gratis dienstencheques
Uitkeringen bij moederschapsrust
Kinderbijslag
Verlenging moederschapsrust bij hospitalisatie pasgeborene
Overdracht moederschapsrust na overlijden moeder
Kraamgeld
Het kraamgeld of de geboortepremie is een eenmalige tegemoetkoming bij de geboorte van een kind. U kunt het kraamgeld aanvragen bij het sociaal verzekeringsfonds vanaf de 6e maand van de zwangerschap. Bij uw aanvraag om kraamgeld (pdf) voegt u een attest van de dokter met de vermoedelijke geboortedatum (aanvraag voor de geboorte) ofwel het speciale geboortebewijs (eenmalig te verkrijgen bij de dienst 'bevolking').
Het kraamgeld kan effectief uitbetaald worden vanaf de tweede maand voorafgaand aan de vermoedelijke geboortedatum.
Het kraamgeld bedraagt:
- Eerste geboorte: € 1.199,10
- Tweede geboorte: € 902,18
Gratis dienstencheques
Vrouwelijke zelfstandigen die moeder werden - of op het punt staan het te worden - kunnen gratis dienstencheques aanvragen, ook wel moederschapshulp genoemd. Dankzij de dienstencheques kunt u een huishoudelijke hulp betalen.
Een dienstencheque is een betaalmiddel waarmee bij erkende ondernemingen voor huishoudelijke taken betaald kan worden. Het kan gaan om schoonmaken, wassen, strijken, naaiwerk, bereiden van maaltijden, boodschappen doen, hulp bij verplaatsingen. Iedere cheque komt overeen met een bedrag van € 7,5. Daarmee kunt u 1 uur huishoudelijke hulp betalen.
U kunt de dienstencheques gebruiken zodra u ze ontvangt. U hoeft niet te wachten tot de periode van moederschapsrust verstreken is.
Lees onze informatiefiche over de dienstencheques (pdf). Vraag de gratis dienstencheque (pdf) aan.
Voor bijkomende gebruiksinformatie terecht op de website www.dienstencheques.be.
Moederschapsrust en - uitkering
Aanstaande moeders die als zelfstandige of als meewerkende echtgenote actief zijn, kunnen gedurende een periode van maximaal 8 weken (9 weken bij een meerling) genieten van een welverdiende moederschapsrust. Daarbij ontvangt u een uitkering moederschapsrust van € 398,71 per week.
De moederschapsrust bestaat uit een periode voorbevallingsrust en een periode van nabevallingsrust. Voor beide periodes bestaat een verplichte bevallingsrust en een facultatieve bevallingsrust:
- De verplichte bevallingsrust moet u opnemen gedurende de 7 dagen voorafgaand aan de vermoedelijke geboortedatum en tijdens de 2 weken volgend op bevalling.
- De facultatieve voorbevallingsrust kunt u opnemen tijdens de 2 weken voorafgaand aan de verplichte voorbevallingsrust. De facultatieve nabevallingsrust kunt u opnemen in verschillende vrij te kiezen periodes van 7 dagen, maar uiterlijk binnen 21 weken na de verplichte nabevallingsrust.
Vrouwen die minstens de verplichte bevallingsrust opnemen kunnen een moederschapsuitkering aanvragen. U doet dit door na de bevalling een aanvraag in te dienen bij uw ziekenfonds. Bij uw aanvraag vermeldt u het aantal weken dat u wenst op te nemen, samen met de periodes wanneer u de moederschapsrust wenst op te nemen.
De moederschapsuitkering bedraagt € 398,71 per week. De uitkering wordt meestal in één keer uitbetaald. De betaling gebeurt binnen één maand volgend op de laatste week opgenomen moederschapsrust. Enkel wanneer u de moederschapsrust onderbreekt, ontvangt u ook tussentijdse betalingen. In dat geval worden de betalingen telkens binnen de maand na het beëindigen elke aaneensluitende periode van moederschapsrust uitbetaald.
Kinderbijslag
De kinderbijslag wordt maandelijks uitbetaald aan de bijslagtrekkende (meestal vader of moeder). Voor alle schoolgaande kinderen jonger dan 25 jaar wordt kindergeld uitbetaald. De kinderbijslag wordt verhoogd wanneer het kind 6, 12 of 18 jaar oud wordt. De normale kinderbijslag bedraagt:
- Eerste kind: € 82,78 per maand
- Tweede kind: € 163,77 per maand
- Vanaf het derde kind: € 244,52 per maand
Naast de gewone kinderbijslag bestaan ook aanvullingen voor mindervalide kinderen, weeskinderen en kinderen van invalide of gepensioneerde zelfstandigen, gewezen werklozen en éénoudergezinnen. Een informatiefiche geeft u een volledig overzicht van alle sociale uitkeringen, inclusief kinderbijslag (pdf). U kunt kinderbijslag aanvragen via uw aansluitingsverklaring als zelfstandige of via dit aanvraagformulier. De leeftijdsbijslag bedraagt:
- € 30,75 van 6 tot en met 11 jaar.
- € 46,98 van 12 tot en met 17 jaar.
- Vanaf 18 jaar € 51,85 voor het oudste kind en 59,74 voor de volgende kinderen.
Verlenging moederschapsrust bij hospitalisatie pasgeborene
Wanneer uw pasgeboren kindje onmiddellijk na de geboorte gehospitaliseerd wordt, kunt u de periode van moederschapsrust laten verlengen. Uiteraard ontvangt u in dat geval ook de bijbehorende moederschapsuitkeringen. De aanvraag moet binnen de 2 weken na de geboorte ingediend worden bij het ziekenfonds.
De verlenging van de moederschapsrust zal overeenkomen met de werkelijke duur van de hospitalisatie. Deze verlenging kan maximaal 24 weken bedragen en wordt toegekend voor iedere volledige week hospitalisatie. De verlenging moet opgenomen worden vanaf de 3e week na de geboorte.
Een voorbeeld: een kindje wordt geboren op 1 januari 2012. Het kindje wordt gedurende 27 dagen (3 weken en 6 dagen) gehospitaliseerd. De moeder diende op 10 januari 2012 een aanvraag in bij het ziekenfonds (op tijd want binnen de 2 weken na de geboorte).
In dit voorbeeld zal de moeder eerst 2 weken verplichte nabevallingsrust moeten opnemen, nadien volgt een verlenging van 2 weken (de 1e 7 dagen tellen nooit mee; in dit voorbeeld komen ook de laatste 6 dagen niet in aanmerking omdat het geen volledige week betreft). Volgend op de verlenging kan eventueel de facultatieve moederschapsrust opgenomen worden.
Indien u voor de verlenging in aanmerking komt, raden we u aan om eventueel ook gebruik te maken van de volgende regelingen (aan te vragen bij Zenito Sociaal Verzekeringsfonds):
- Een uitkering voor het verlenen van palliatieve zorgen aan een ziek kind.
- Of een vrijstelling van bijdragen omdat uw kind ernstig ziek is.
Denk er bij de vrijstelling ernstig ziek kind of bij de uitkering palliatieve zorg aan dat u tijdens de periode van de moederschapsrust (verplicht, facultatief en verenging) geen beroepsactiviteiten mag uitoefenen! De periode van de moederschapsrust kan dus beschouwd worden als een periode van onderbreking van uw beroepsactiviteiten.
Overdracht moederschapsrust na overlijden moeder
Overlijdt de moeder voordat zij de volledige moederschapsrust (de verplichte, de facultatieve en/of de verlenging) opnam, dan kan de man of vrouw bij wie het kind gaat wonen de moederschapsrust overnemen. Ook de uitkeringen zullen worden overgedragen.
Om in aanmerking te komen, moet de persoon die het kind in zijn gezin opneemt zelfstandige zijn! Bovendien moet hij aan alle voorwaarden voor de gewone moederschapsrust voldoen (onder meer bijdragen betaald hebben tijdens de twee kwartalen voorafgaand aan de geboorte). Bij het stukje over de gewone moederschapsrust elders op deze pagina komt u meer te weten over de voorwaarden.
De wettelijk voorziene uitkeringen voor zelfstandigen zijn beperkt. U kunt zich aanvullend verzekeren teneinde meer tegemoetkomingen te bekomen. Meer informatie hierover vindt u terug op deze site onder Zenito Aanvullend Pensioen.
Schrijf je in op de Zenito nieuwsbrief
Voor elke ondernemer die op de hoogte wil zijn van het belangrijkste nieuws.

