U start een stage?

Printervriendelijke versie

Er bestaat dikwijls verwarring omtrent het sociaal statuut van stagiairs die een stage doorlopen met de bedoeling later een vrij beroep uit te oefenen. Dienen zij - wat hun sociaal statuut betreft - beschouwd te worden als student, als werknemer of als zelfstandige? Het antwoord op deze vraag hangt enerzijds af van het specifieke vrije beroep en anderzijds van de concrete situatie van de stagiair en zijn verhouding tot de stagemeester.

Aan de hand van onderstaande voorbeelden worden de beoordelingscriteria toegelicht. Voorafgaand dient nog te worden opgemerkt dat in wat volgt geen rekening wordt gehouden met eventueel bijkomende beroepsactiviteiten die niet in het kader van de stage worden uitgeoefend. Het feit dat men naast de stage een andere beroepsactiviteit uitoefent, kan in bepaalde gevallen een invloed hebben op het sociaal statuut. Hiervoor verwijzen wij naar de infofiche “Hoofd- of bijberoep”.

 

1. De advocaat-stagiair

De situatie bij de advocaat-stagiair is zeer duidelijk: de advocaat-stagiair is steeds onderworpen aan het sociale zekerheidsstelsel der zelfstandigen, naar analogie met de advocaat die de stage reeds volbracht heeft. Immers, de advocaat-stagiair mag reeds tijdens de stageperiode van drie jaar zaken autonoom behandelen. De stage wordt als een volwaardige beroepsactiviteit beschouwd.

De onderwerping aan het sociaal statuut der zelfstandigen wordt eveneens verantwoord vanuit de noodzakelijke onafhankelijkheid en intellectuele zelfstandigheid van de advocaat-stagiair. De advocaat-stagiair wordt niet als student beschouwd en kan bijgevolg geen afgeleide sociale rechten laten gelden als student. Concreet betekent dit dat de advocaat-stagiair geen persoon ten laste van de ouders kan zijn.

 

2. De architect-stagiair

Het toepasselijke sociale zekerheidsregime is afhankelijk van de situatie waarin de architectstagiair zich bevindt of van de bepalingen in het stagecontract. Net zoals de advocaat-stagiair kan de architect-stagiair reeds ten volle het beroep van architect uitoefenen. De architect-stagiair wordt bijgevolg niet als student beschouwd.

De stage kan worden uitgeoefend in het kader van een arbeidsovereenkomst voor bedienden of als personeelslid van een openbare dienst. In dit geval wordt de architect-stagiair als werknemer beschouwd. Bij afwezigheid van een arbeidsovereenkomst of een statuut als personeelslid van een openbare dienst, wordt de stage verricht als zelfstandige en is de stagiair onderworpen aan het sociale zekerheidsstelsel der zelfstandigen.

 

3. De stagiair-autodeskundige

Het beroep van autodeskundige is niet beschermd. De stagemodaliteiten zijn niet wettelijk geregeld, waardoor het toepasselijke sociale zekerheidregime moet blijken uit het stagecontract tussen de stagiair en de stagemeester (stage in het kader van een arbeidsovereenkomst of niet?).

 

4. De bedrijfsrevisor-stagiair / accountant-stagiair

De stage kan worden doorlopen ofwel in het kader van een arbeidsovereenkomst, ofwel in het kader van een aannemingscontract als zelfstandige (overeenkomst van zelfstandige dienstverlening). In dit laatste geval is de bedrijfsrevisor-stagiair uiteraard onderworpen aan het sociaal statuut der zelfstandigen.

De overeenkomst van zelfstandige dienstverlening bevat de verbintenis van de stagemeester om de stagiair een ereloon te betalen, alsook de kosten te vergoeden die gemaakt worden in het kader van de uitoefening van de stage. De regeling voor de accountant-stagiair is gelijkaardig aan die van bedrijfsrevisor-stagiair. Het toepasselijke sociale statuut is eveneens afhankelijk van wat werd overeengekomen in het stagecontract.

 

5. De geneesheer-stagiair

Om de situatie van de geneesheer-stagiair correct in te schatten, dient een onderscheid te worden gemaakt tussen 3 verschillende situaties:

  1. De stage als verplicht onderdeel van een universitair leerprogramma tot het behalen van het doktersdiploma: deze stage wordt niet als een beroepsbezigheid beschouwd, maar als een studieperiode (zie onder). Men kan dus onmogelijk als zelfstandige worden beschouwd (tenzij er uiteraard een andere zelfstandige beroepsbezigheid zou zijn, los van de stage).
  2. Sinds de start van het academiejaar 2009-2010 worden huisartsen in opleiding als werknemers beschouwd. Ze hebben net zoals de geneesheer-specialist in opleiding een beperkte sociale bescherming. Zij zullen enkel sociaal verzekerd zijn voor de kinderbijslag, ziekte- en zwangerschap. Er worden geen pensioenrechten opgebouwd. Opgelet, indien de huisarts in opleiding de opgelegde wachttijdprestaties van 120 uren overschrijdt, dan dient hij zich eveneens aan te sluiten bij een sociaal verzekeringsfonds als zelfstandige in bijberoep.
  3. De geneesheer-specialist in opleiding (G.S.O.): de geneesheren in opleiding tot geneesheer-specialist worden principieel als werknemers beschouwd van de instelling waar de opleiding wordt gevolgd. Desondanks worden geen pensioenrechten opgebouwd als werknemer tijdens de duur van de opleiding, waardoor er sprake is van een gebrekkige sociale bescherming. Deze periode komt wel in aanmerking voor de gelijkstelling met een periode van werkelijke beroepsactiviteit (zie onder).

6. De gerechtsdeurwaarder-stagiair

Het succesvol beëindigen van de stage is een noodzakelijke voorwaarde om het beroep van gerechtsdeurwaarder uit te oefenen. Zolang de stage niet werd beëindigd, kan men met andere woorden geen gerechtsdeurwaarder zijn. De stage is bovendien doorgaans onbezoldigd. De stagiair-gerechtsdeurwaarder wordt bijgevolg noch als werknemer, noch als zelfstandige beschouwd.

Wanneer echter uit de feiten blijkt dat de stagiair-gerechtsdeurwaarder boven de gangbare tarieven vergoed wordt door de stagemeester en er fiscaal bedrijfsuitgaven in rekening worden gebracht, dan zal dit wel als een beroepsactiviteit worden beschouwd. In dit geval zal het sociaal statuut der zelfstandigen van toepassing zijn.

 

7. De stagiair-landmeter / kandidaat-expert onroerende goederen

Deze stage maakt deel uit van een studieprogramma. De stagiair wordt als student beschouwd, en niet als werknemer of zelfstandige. Hoewel de stage doorgaans onbezoldigd is, kan de stagemeester de stagiair financieel belonen indien hij dat wenst.

 

8. De notaris-stagiair

De stage is een noodzakelijke voorwaarde om het ambt van notaris te kunnen uitoefenen. De notaris-stagiair zal dus niet per definitie als zelfstandige worden beschouwd. Ook hier moet de concrete stagesituatie worden bekeken.

Indien uit de feitelijke gegevens blijkt dat de stagiair in ondergeschikt verband werkt, dient hij als werknemer te worden beschouwd. Wanneer er geen band van ondergeschiktheid is, zijn er twee mogelijkheden: de stagiair wordt bezoldigd of wordt niet bezoldigd.

De bijstand die de stagiair aan zijn stagemeester verleent en waarvoor hij niet of bijna niet bezoldigd wordt, wordt niet als een beroepsactiviteit beschouwd. De stagiair is in dit geval noch zelfstandige, noch werknemer.

Wanneer de activiteit van de stagiair verder gaat dan louter de stage en hij hiervoor bezoldigd wordt, dan wordt de stagiair als zelfstandige helper beschouwd. Indien de stagiair eveneens student is die recht geeft op kinderbijslag en zijn activiteit als helper minder dan 240 uren per kwartaal uitoefent, is er geen onderwerping aan het sociaal statuut der zelfstandigen.

 

Gelijkstelling van een studieperiode met een periode van beroepsactiviteit

Omdat de studieperiode en de stage doorgaans vele jaren in beslag nemen, gebeurt het dat beoefenaars van vrije beroepen bij het bereiken van de pensioenleeftijd geen volledige beroepsloopbaan kunnen aantonen. Wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan, kan de studieperiode - mits betaling van een bijdrage - worden opgenomen in de pensioenloopbaan, om deze loopbaan te vervolledigen. Wanneer de stagiair als student beschouwd wordt, komt de stageperiode eveneens in aanmerking om gelijkgesteld te worden

Voor meer informatie over deze en andere vrije beroepen kunt u steeds contact opnemen met de cel Vrije Beroepen van Zenito Sociaal Verzekeringsfonds.

 

Stage als zelfstandige en het recht op een wachtuitkering in geval van werkloosheid

Schoolverlaters die niet meteen beroepsactief worden of die na een beroepsactiviteit werkloos worden, kunnen aanspraak maken op een wachtuitkering. Hier zijn een aantal voorwaarden aan verbonden. Om recht te hebben op een wachtuitkering, dient men: 

  • de studies met volledig leerplan stopgezet of beëindigd te hebben;
  • jonger dan 30 jaar te zijn;
  • een wachttijd te doorlopen.

De wachttijd heeft tot gevolg dat schoolverlaters niet meteen aanspraak maken op een uitkering. Men moet eerst een bepaald aantal dagen gewerkt hebben als werknemer of als werkzoekende ingeschreven zijn. Het precieze aantal te bewijzen dagen is afhankelijk van de leeftijd op het moment van de uitkeringsaanvraag. Nieuw sinds 2008 is dat de periodes tijdens dewelke men als zelfstandige werkte, eveneens in rekening worden gebracht voor het vervullen van de wachttijd. Met zondagen wordt geen rekening gehouden. 

Voorbeeld: een stagiair-advocaat (zelfstandige) beslist na een jaar de stage stop te zetten en vindt niet onmiddellijk een andere job. De stageperiode als zelfstandige in hoofdberoep wordt in rekening gebracht voor het vervullen van de wachttijd. Na een jaar stage als zelfstandige zal men recht hebben op een wachtuitkering.

    Schrijf je in op de Zenito nieuwsbrief

    Voor elke ondernemer die op de hoogte wil zijn van het belangrijkste nieuws.

    Inschrijven